Historia Bruxellae

Met deze reeks wil het Museum van de Stad minder gekende elementen uit de rijke geschiedenis van Brussel onder de aandacht van het grote publiek brengen. In een handig formaat en rijk geïllustreerd vormen deze boekjes eenvoudige en aangename lectuur. Iedere nieuwe titel is (tenminste) in het Nederlands en in het Frans te verkrijgen tegen de prijs van € 9,50.

G.Pluvinage

G.Pluvinage

 Sex in the city Oorden van plezier in Brussel van de 19de eeuw tot de seksuele revolutie, Museum van de Stad Brussel, nr. 19, 2016

In de 19de eeuw doet het op voortplanting gerichte heteroseksuele en monogame huwelijk zich, met het oog op een harmonische samenleving, voor als hét instituut voor seksuele, morele en ideologische regulering. Individuele seksuele praktijken wekken een intense nieuwsgierigheid op en vormen het onderwerp van talloze expliciete discours die bepalen wat ze mogen en moeten zijn. Religie, geneeskunde en recht leggen zich, elk op hun eigen manier, toe op het decreteren van voorschriften en verboden. De enige plaats waar seks geheel en al aanvaardbaar is, is het echtelijk bed. Elke seksuele manifestatie in de openbare sfeer is uit principe ongeoorloofd en dus onderhevig aan een sociale en zelfs een juridische reactie.


C. Paredes

C. Paredes
Brussel en de wandtapijten - twee verweven geschiedenisses, Museum van de Stad Brussel, nr. 18, 2015.

“Onze stad was bijna 400 jaar lang het belangrijkste centrum van deze industrie, en hoe meer men ermee bezig is, hoe meer men zal vaststellen, zoals ik ervaren heb, welk immens aandeel onze stadsgenoten hierin gehad hebben”. (Alphonse Wauters, Les tapisseries bruxelloises, 1878)

B. Vannieuwenhuyze, M-C. Van Grunderbeek, P. Van Brabant, M. Vrebos

B. Vannieuwenhuyze, M-C. Van Grunderbeek, P. Van Brabant, M. Vrebos

Van Broodhal tot Museum van de stad, Acht eeuwen brusselse geschiedenis, Museum van de Stad Brussel, nr. 17, 2013

Het Museum van de Stad Brussel is gehuisvest in een 19de-eeuws neogotisch gebouw dat in het Nederlands de naam Broodhuis draagt en in het Frans Maison du Roi heet. Deze twee benamingen weerspiegelen de eeuwenlange geschiedenis van de site. Het verhaal begint in de 13de eeuw met een broodhal in de buurt van de toekomstige Grote Markt, op een terrein dat toebehoorde aan de hertog van Brabant…

R. Jacobs

R. Jacobs

De Ommegang, processie, stoet of spektakel ? Museum van de Stad Brussel, nr. 16, 2013

De Ommegang is een van de grootste historische en folkloristische evenementen van Brussel. Voor sommigen een processie, voor anderen een spektakel. Wie heeft gelijk? Het antwoord ligt verborgen in zeven eeuwen geschiedenis van Brussel.

P. Scholliers

 P. Scholliers

Twee eeuwen lasten en lusten aan tafel,  Archief van de Stad Brussel, nr.15, 2013

Tot het midden van de 19e eeuw bleef eten voor de overgrote meerderheid van onze voorouders een dagelijkse obsessie. Normaal ook, want eetplezier stond toen gelijk met een overvloed van voedsel, genieten van copieuze maaltijden en eindeloze banketten. Kwantiteit moest echter stilaan plaats maken voor kwaliteit. Dankzij de stelselmatige industrialisering van de landbouw, gekoppeld aan technische innovaties, kon namelijk steeds vaker, en steeds beter, aan de behoeften worden voldaan. De angst om te kort te komen was weg, maar er dook nu een nieuwe vrees op: die voor het eten van bedorven, ongezond, onveilig voedsel. Die angst is ook vandaag nog nadrukkelijk aanwezig.

Y. Jacqmin, Q. Demeure

Y. Jacqmin, Q. Demeure

Het Stadhuis van Brussel, Museum van de Stad Brussel, nr. 14, 2011

Dit werk belicht het meest symbolische en exemplarische gebouw van Brussel. Het geeft een bondige schets van de geschiedenis van het Brusselse Stadhuis maar daarnaast ook van de architecturale veranderingen die het onderging, het belang van de kunstcollecties en de nieuwe culturele functies die er zich ontwikkelden parallel met de traditionele politieke en protocollaire functies. Het relaas volgt stap voor
stap de geschiedenis van dit gebouw, van zijn ontstaan tot vandaag. Via de rijkelijke iconografie maken we een reis doorheen de tijd en brengen we een verkennend bezoek aan dit indrukwekkende gebouw. Het Stadhuis van Brussel, een getuige van vijf eeuwen geschiedenis, was in de 19de eeuw nauw verbonden met het ontstaan en de ontwikkeling van het koninkrijk België.

R. Jacobs

R. Jacobs
Bedelen voor God. Paters en nonnen schrijven Europese geschiedenis in Brussel, Museum van de Stad Brussel, nr. 13, 2011

Vanaf de 13de eeuw verschijnen er bedelmonniken in het Brusselse stadsbeeld. Vanwaar komen zij en wat komen zij doen? In de 12de eeuw groeien de steden in Europa en daardoor verandert de mentaliteit van de mensen. De katholieke kerk begrijpt dat niet. Zij verliest voeling met de samenleving. In het begin van de 13de eeuw wordt zij bestuurd door een bijzonder krachtdadige paus, Innocentius III. Hij herovert het verloren terrein door alles op zijn kop te zetten. Dissidente, contesterende bewegingen worden door hem erkend als bedelorden. Die nieuwe orden worden de elitetroepen van de paus. Zij gaan een zeer belangrijke rol spelen aan de hoven van de vorsten, in de universiteiten en vooral in de snel groeiende steden. Dat gebeurt in de eerste plaats in de meest verstedelijkte gebieden van Europa, in Italië en in de Nederlanden. Grote Europese geschiedenis, waarin ook Brussel een belangrijke rol speelt.

J.-L. Petit

J.-L. Petit
Sint-Michel de Brusselaar, Museum van de Stad Brussel, nr. 12, 2008

Sinds eeuwen is Sint-Michiel onlosmakelijk verbonden met de Stad Brussel. Maar wie is die Michiel precies? En hoe is hij uitgegroeid tot de patroonheilige van de Brusselaars? Sinds de 13e eeuw komt de aartsengel voor op het stadzegel en geleidelijk veroverde hij ook een plaatsje op het wapen en de vlag van de Stad. Als logo droeg hij in grote mate bij aan de promotie van Brussel. Daarnaast was hij de inspiratiebron voor tal van originele kunstwerken die de kerken, openbare en privégebouwen, en pleinen en monumenten in Brussel sieren.
Dit boekje maakt een stand van zaken op van de grafische symbolen waar de Stad zich van bedient. Het nodigt u ook uit om de vele afbeeldingen van Sint-Michiel, verspr

L. Keunings

L. Keunings

Geheime politie en politiegeheimen in Brussel in de 19de eeuw, Museum van de Stad Brussel, nr. 11, 2006

Politieagenten “in burger”, geheim agenten en provocateurs hebben altijd al voeding gegeven aan mythen, droombeelden en legenden. De duistere praktijken van de dwangarbeiders van Vidocq of de Tijgerbrigades van Clemenceau hebben de hele 19de eeuw lang, van het Keizerrijk tot de Republiek, verhaalstof geleverd bij onze Franse buren. Intriges, complotten, machinaties en ander tyranniek gedrag van de politie bezielen de wereld die met zoveel talent geschetst werd door Balzac, Eugène Sue of Victor Hugo. Hoe was het gesteld met dergelijke geheime praktijken in onze hoofdstad? Een welvarende, liberale en gastvriendelijke stad, maar ook een toevluchtsoord voor samenzweerders en het toneel van gewelddadige politieke confrontaties in een periode waarin republikeinen, socialisten en anarchisten, de wetsdienaren van het België dat ondanks het feit dat het ontstaan was op de barricades, niet egalitair was, schrik aanjoegen?
Dit boekje tracht op een bescheiden manier een tipje van de sluier op te lichten rond één van de meest beruchte “mysteries van Brussel”, zowel voor de leek als voor de geschiedschrijver van de sociale bewegingen, voor wie politiebronnen - die lange tijd buiten elke vorm van kritiek stonden - het favoriete documentatiemateriaal bij uitstek vormen.

TH. Symons, J. Houssiau

TH. Symons, J. Houssiau

Gekleurde tijden, Schets van de kleurgeschiedenis van Brussel, Museum van de Stad Brussel, nr. 10, 2006

Ook deze mode heeft haar geschiedenis, een bewogen geschiedenis. Beschouwd als een traditionele praktijk in de Middeleeuwen, heeft het witten van gevels pronkperiodes gehad, die variëren van gebroken wit tot meer onderdrukte kleuren, onderbroken door periodes waarin het verboden was.
Vandaag wordt, net als in andere Europese steden, de kleur van de gevels in Brussel bepaald door de smaak van de dag. Echter, een kleur kiezen doet men niet zomaar. Elke tint brengt codes en keuzes met zich mee, bewust en onbewust, zowel van de kant van de overheid als van het individu. Hoewel polychromie van de gevels de stad een frisse wind meegeeft, verandert ze het stedelijke landschap. De vraag dringt zich dus op: welk evenwicht moeten we vinden tussen de integriteit van het erfgoed en de integratie van de nieuwe kleurentrends?

M. Couvreur, A. Deknop, TH. Symons

M. Couvreur, A. Deknop, TH. Symons

Manneken-Pis in alle staten, Museum van de Stad Brussel, nr. 9, 2005


De fontein van Manneken-Pis maakte deel uit van het uitgebreide en in heel Europa beroemde Brusselse wateraanvoersysteem. Dit beeld van Hiëronymus Duquesnoy vond vanaf de 17de eeuw een plaats in de harten van de Brusselaars, niet alleen wegens zijn esthetische kwaliteiten maar ook omdat het de stadbewoners drinkbaar water bezorgde. Hoewel het ondertussen een decoratief en folkloristisch element in de stedelijke ruimte is geworden, blijft het beeld jong en oud bekoren. Zijn soms bewogen geschiedenis wordt u uit de doeken gedaan in dit boekje over Manneken-Pis.

S. Jaumain, V. Piette, G. Pluvinage

S. Jaumain, V. Piette, G. Pluvinage
Brussel 14-18. Een stad in oorlog, dag na dag, Museum van de Stad Brussel en ULB, nr. 8, 2005 

Wat blijft er over van de Eerste Wereldoorlog? Beelden van modderige loopgraven en de herinnering aan duizenden soldaten die jarenlang ondergedompeld waren in gruwelijke levensomstandigheden. Maar de oorlog is meer dan de loopgraven van de IJzer. Hij tekent ook het alledaagse leven van het merendeel van de Belgische bevolking. Ver van het front, onder een bezettingsregime dat vooral onderdrukkend en vernederend is, proberen de Brusselaars te overleven… In deze moeilijke tijden kent Brussel een periode van grote werkloosheid en de economie – deels verlamd – stort de lokale bevolking in een sociale werkelijkheid die enorm broos is. Hoe moet men zich voeden, kleden, verwarmen, maar evenzeer zich dagelijks verzetten tegen de bezetter? Dit zijn de beslommeringen van de inwoners van de “grote stad”.

C. Deligne

C. Deligne
Brussel boven water. De relatie van de stad met haar waterlopen van de Middeleeuwen tot vandaag, Museum van de Stad Brussel, nr. 7, 2005 

‘In Brussel ontbreekt er een rivier!’ Deze uitroep hoort men altijd opnieuw als het over Brusselse stedenbouw gaat. Bovendien is het een pertinente opmerking, omdat er een historisch gegeven aan de basis ligt. De bestuurders van de stad hebben in de tweede helft van de 19de eeuw inderdaad de rivier laten verdwijnen. De inzet van wat men met een echte Brusselse uitdrukking de ‘overwelving’ van de Zenne noemt, was vast omlijnd: de bevestiging van Brussel als hoofdstad en als stad met internationale allures, een poging om de burgerij in het stedelijke centrum te houden, de afbraak van de industriële en armoedige wijken. Het geschiedkundige en urbanistische belang van het onder de grond stoppen van de Zenne heeft een diepe indruk op de Brusselse denkwereld nagelaten en wel in dergelijke mate dat heel wat andere aspecten van de geschiedenis van het water in de stad erdoor naar de achtergrond worden verdrongen. Want tot op dat ogenblik was de Brusselse infrastructuur en heel haar economie gegroeid op het ritme van haar waterlopen. Molens, fonteinen, visreservoirs, leidingen, kanalen, … allemaal constructies die het uitzicht van Brussel vorm gaven. Dit boekje bekijkt zowel de waterbouwkundige fundamenten van de stedelijke ontwikkeling, als de oorzaken van de transformaties in het industriële tijdperk en hun gevolgen.
Brussel boven water gaat niet alleen over de stad die haar ontstaan en bloei aan het water te danken heeft, maar ook over de stad die dat water de rug heeft willen toekeren.


F. Boquet, J. Houssiau, TH. Symons

F. Boquet, J. Houssiau, TH. Symons
Baden in Brussel. Van een bad nemen naar zwemmen als ontspanning,  Museum van de Stad Brussel, nr. 6, 2005
De geschiedenis van het baden en het zwemmen in Brussel is nauw verbonden met de houding van de mens tegenover hygiëne, geneeskunde, sociale conventies en vrije tijd. Zo is de lichaamsverzorging in de Middeleeuwen gebaseerd op het water van de baden, maar in de 16de en de 17de eeuw komt er geen water aan te pas: proper wasgoed komt in de plaats van een propere huid. De artsen uit die tijd hebben argwaan tegen de openbare badplaatsen. Vandaag bevelen de volgelingen van Hyppocrates zwemmen aan als de beste kinesitherapie.
In de 17de eeuw verbiedt de stad Brussel het baden uit zorg voor hygiëne en fatsoen. Sinds de 20ste eeuw echter stimuleert ze het zwemmen op school, in groep of individueel. De gemeenten proberen elkaar trouwens te overtroeven met moderne, aantrekkelijke zwembaden, geschikt voor alle leeftijden, en aangepast aan de nieuwe behoeften.

M. Galand, J. Houssiau, TH. Symons

M. Galand, J. Houssiau, TH. Symons
Faience in Brussel van de 17de tot de 19de eeuw. Een nijverheid in de stad ten dienste van het leven van alledag, Museum van de Stad Brussel, nr. 5, 2003

‘De faience uit de brusselse manufacturen is mooi, zeer handig in het gebruik en goedkoop.’
Doulcet de Pontécoulant, prefect van het Dijle-departement.


C. Billen, JM. Decroly

C. Billen, JM. Decroly

De kleinste kamertjes in de grootstad. Openbaar sanitair van de Middeleeuwen tot vandaag, Museum van de Stad Brussel en ULB, nr. 4, 2003

Op de openbare plaatsen in de stad komt het leven aan de oppervlakte. Vandaag probeert de stedelijke politiek, die gericht is op culturele en toeristische opwaardering, meer mensen te betrekken bij het leven op straat. De inrichting van historische centra houdt rekening met het samenleven, het comfort en de ontspanning van de stedelingen. Brussel gaat hier voluit in mee. Toch schiet deze stad op enkele nochtans essentiële domeinen tekort: er zijn te weinig openbare zitbanken en – vooral – er zijn geen openbare toiletten. Deze vaststelling wekte de nieuwsgierigheid van de auteurs. Het huidige Brussel onderscheidt zich hier niet alleen van de meeste andere grote Europese steden, maar ook van het vroegere Brussel. Op vraag van het Museum van de Stad hebben de auteurs het fenomeen aan een retrospectief onderzoek onderworpen. De lezer mag gerust zijn: het onderwerp is futiel noch op een gratuite manier scabreus! Integendeel, we stoten hier op vragen die de kern raken van het sociale leven en de stedelijke mengelmoes; hier is sprake van de meest vitale aspecten van het fysieke bestaan van de mens; én er komen miskende facetten van de cultuur aan het licht, onder meer ook artistieke facetten.

J. Janssens, R. Sleiderink

J. Janssens, R. Sleiderink
Minnelijk Akkoord. Literatuur in Brussel van de 14de tot 17de eeuw, Museum van de Stad Brussel en KUB, nr. 3, 2003 

In de winter van 1511 waren in Brussel wonderlijke sneeuwsculpturen te zien. Deze waren een uiting van de nieuwe burgercultuur die mede onder impuls van literaire gezelschappen was ontstaan. Rederijkerskamers, zoals ’t Mariacranske, vormden en verspreidden het ideaal van de beschaafde burger via teksten en evenementen. Ze streefden naar een harmonieuze samenleving, een maatschappij in ‘minnelijk akkoord’. Zelden was de macht van het schone woord groter…
Minnelijk akkoord biedt een indrukwekkend overzicht van het literaire leven van de 14de tot de 17de eeuw en het ontstaan van de burgermoraal in het oude Brussel. De illustraties tonen de rijkdom van het culturele en literaire patrimonium van de Stad Brussel.

G. Janssens

G. Janssens
De graven Egmont en Horn. Slachtoffers van de politieke repressie in de Spaanse Nederlanden,  Museum van de Stad Brussel, nr. 2, 2003- uitverkochte editie

Weinig figuren uit de geschiedenis spreken zo tot de verbeelding als de graven Egmont en Horn. Deze twee zestiende-eeuwse hoge edelen, ridders van de Orde van het Gulden Vlies, werden aangeklaagd wegens majesteitsschennis, rebellie en medeplichtigheid aan samenzwering. Door de Raad van Beroerten ter dood veroordeeld, werden zij op 5 juni 1568 te Brussel op de Grote Markt onthoofd. Zowel in de propaganda van Willem van Oranje gedurende de Opstand tegen Filips II, als in liederen, pamfletten en diverse literaire werken wordt vanaf de zestiende eeuw aan hun tragische dood herinnerd.
Beide edelen worden in het collectieve geheugen van Belgen en Nederlanders altijd samen genoemd. In de tweede helft van de negentiende eeuw werden zij door het jonge België opgenomen in het panteon van “Belgische helden”. Hun standbeeld, in 1864 opgericht op de Brusselse Grote Markt, staat sedert 1879 in het plantsoen van de Kleine Zavel te midden van andere grote figuren uit de zestiende-eeuwse Nederlanden.
Deze brochure plaatst de graven Egmont en Horn in hun historische context, geeft een overzicht van de geschiedenis van de Opstand en gaat ook in op de romantische, Belgisch-nationalistische verering die hun in de negentiende eeuw ten deel is gevallen.

B. Bernard, R. Maskens

B. Bernard, R. Maskens
De Brabantse omwenteling en de Verenigde Nederlandse Staten (1789 – 1790), Museum van de Stad Brussel, nr. 1, 2003

Terwijl de Franse Revolutie in 1789 strijdt voor politieke, economische en sociale hervormingen met een universeel karakter (verdediging van de rechten van de mens, economische vrijheid, enz.), is de Brabantse Omwenteling in de Oostenrijkse Nederlanden gericht tegen de modernistische hervormingen van keizer Jozef II.
 Hoewel dit verzet vertrekt van de verdediging van de Vrijheid – het vrije beslissingsrecht – is het een uiting van behoudsgezinde stromingen die de traditionele machten in de plaatselijke maatschappij verdedigen. De Brabantse Omwenteling wordt echter niet alleen gekenmerkt door de radicaal tegenovergestelde opvattingen van de betrokken partijen; ze is ook een verwarde rebellie waaraan democratische bewegingen deelnemen.
Tenslotte leidt ze tot de oprichting van de ‘Verenigde Nederlandse Staten’ een kortstondige unie en voorbode van een ‘nationaal’ gevoelen dat zowat veertig jaar later tot uitbarsting zal komen.
Ontdek deze weinig gekende bladzijden uit de Brusselse geschiedenis dankzij door specialisten geschreven teksten en talrijke afbeeldingen van authentieke documenten.